Categorie: Overig nieuws

  • Fransen willen minder plastic, maar wel vers fruit

    Fransen willen minder plastic, maar wel vers fruit

    Franse consumenten willen minder plastic verpakkingen voor groenten en fruit, maar niet ten koste van de kwaliteit. Bescherming, zichtbaarheid en recyclebaarheid spelen een belangrijke rol bij hun aankoopbeslissingen. Dat blijkt uit onderzoek van FranceAgriMer en Interfel, dat in september 2026 verscheen.

    Onderzoeksbureau Topo Lab onderzocht hoe Franse consumenten denken over alternatieve verpakkingen voor verse groenten en fruit. In februari 2026 organiseerde het bureau groepsgesprekken in Montpellier en Lyon. In mei volgde een online enquête onder duizend Franse volwassenen.

    Bescherming belangrijker dan plasticvrij

    De onderzoekers vroegen consumenten welke eigenschappen zij belangrijk vinden bij verpakkingen. Bescherming van het product eindigde bovenaan, gevolgd door vertrouwen in de kwaliteit, recyclebaarheid en het vermijden van plastic.

    Consumenten willen dus minder verpakkingsafval, maar verwachten tegelijkertijd dat groenten en fruit tijdens transport en opslag goed beschermd blijven.

    Het onderzoek onderscheidt drie groepen: 24 procent milieubewuste consumenten, 46 procent kritische pragmatici en 30 procent consumenten die minder waarde hechten aan milieuaspecten.

    Vooral de grootste groep zoekt een evenwicht tussen duurzaamheid en gebruiksgemak.

    Plastic blijft praktisch

    Plastic heeft volgens het onderzoek een imagoprobleem. Consumenten waarderen de transparantie, stevigheid en hygiëne, maar associëren het materiaal met milieubelasting.

    Van zeven geteste verpakkingsalternatieven kreeg het traditionele plastic bakje de laagste gemiddelde aankoopintentie: 4,2 op een schaal van zeven.

    Daarnaast noemde 42 procent de beperkte milieuvriendelijkheid als belangrijkste nadeel.

    Toch betekent dit niet dat consumenten plastic zonder meer willen vervangen. Alternatieven moeten minstens dezelfde bescherming bieden.

    Papier en cellulose scoren goed

    Een papieren zak met een transparant venster van cellulosehydraat behaalde de hoogste aankoopintentie: 5,5 op zeven. Een netverpakking van cellulose volgde met 5,3.

    Ook kartonnen verpakkingen kregen positieve beoordelingen. Consumenten waarderen hun vertrouwde uitstraling en recyclebaarheid.

    Maar niet iedere oplossing werkt even goed. Papieren zakken beschermen kwetsbare producten onvoldoende, terwijl sommige celluloseverpakkingen sterk op plastic lijken.

    Bij kartonnen bakjes vormt de beperkte zichtbaarheid een probleem. Zo vond 30 procent van de ondervraagden dat een geperforeerd kartonnen bakje onvoldoende zicht bood op de inhoud.

    Niet iedere groente vraagt dezelfde verpakking

    Volgens de onderzoekers bestaat er geen universele vervanger voor plastic.

    Aardbeien hebben bijvoorbeeld meer bescherming nodig dan uien of wortelen. Voor stevige groenten kan een netverpakking volstaan, terwijl kwetsbaar fruit eerder een beschermend bakje nodig heeft.

    Producenten moeten daarom per product bepalen welke verpakking het beste aansluit bij de eigenschappen ervan.

    Duidelijke informatie overtuigt

    Consumenten waarderen concrete milieu-informatie meer dan algemene duurzaamheidsclaims.

    Informatie over recyclebaarheid kreeg van 54 procent een hoge beoordeling. Vermeldingen over minder plastic en de materiaalsamenstelling scoorden beide 51 procent. Informatie over minder verpakkingsafval volgde met 50 procent.

    Een vermelding van de CO₂-voetafdruk kreeg met 43 procent minder waardering.

    De onderzoekers adviseren producenten daarom duidelijk uit te leggen waaruit verpakkingen bestaan en hoe consumenten deze kunnen recyclen.

    Minder plastic vraagt om maatwerk

    Het onderzoek laat zien dat Franse consumenten openstaan voor alternatieven, zolang die de kwaliteit van verse producten beschermen.

    De studie onderzoekt consumentenvoorkeuren en aankoopintenties, niet de daadwerkelijke milieubelasting van verpakkingsmaterialen. Papier of cellulose is dus niet automatisch duurzamer dan plastic.

    Voor de groente- en fruitsector ligt de uitdaging bij het combineren van productbescherming, gebruiksgemak en minder verpakkingsafval.

    Want een plasticvrij bakje aardbeien klinkt aantrekkelijk, maar niemand zit te wachten op een milieuvriendelijke verpakking vol geplet fruit.

  • Relais & Châteaux haalt paling van de menukaart

    Relais & Châteaux haalt paling van de menukaart

    Negentig procent van de aangesloten hotels en restaurants van Relais & Châteaux serveert naar eigen zeggen geen paling meer. De internationale hotel- en restaurantvereniging maakte dit bekend tijdens een bijeenkomst van haar World Culinary Council in Lissabon. De maatregel moet bijdragen aan de bescherming van de ernstig bedreigde Europese paling.

    Chefs bespreken toekomst van duurzame gastronomie

    Twintig chefs uit het internationale netwerk van Relais & Châteaux kwamen in Lissabon bijeen om te bespreken hoe restaurants en hotels hun invloed kunnen gebruiken om biodiversiteit te beschermen en duurzamer te werken.

    De bijeenkomst vond plaats onder leiding van Laurent Gardinier, president van Relais & Châteaux, en Mauro Colagreco, vicepresident voor de chefs binnen de vereniging.

    De organisatie telt volgens eigen opgave ongeveer 580 aangesloten hotels en restaurants in 65 landen. De World Culinary Council richt zich onder meer op verantwoord inkopen, het beschermen van bedreigde diersoorten en het versterken van lokale voedselketens.

    Een van de belangrijkste onderwerpen was de Europese paling, een vissoort waarvan de populatie al tientallen jaren onder zware druk staat.

    Negen op de tien locaties serveren geen paling

    Volgens een inventarisatie van Relais & Châteaux serveert inmiddels 90 procent van de aangesloten locaties geen paling meer. Binnen deze groep heeft 41 procent de vis actief van de menukaart verwijderd.

    Dat onderscheid is relevant. Een restaurant dat nooit paling serveerde, draagt immers niet op dezelfde manier bij aan een verandering in het aanbod als een restaurant dat bewust stopt met de verkoop ervan.

    De organisatie publiceert in het aangeleverde persbericht geen nadere informatie over de onderzoeksmethode, de respons of de controle van de opgegeven percentages. De cijfers zijn daarom vooralsnog niet onafhankelijk te verifiëren.

    Relais & Châteaux sloot zich in 2023 aan bij de campagne Eel, No Thank You van de Franse milieuorganisatie Ethic Ocean. Die campagne roept chefs, restaurateurs en consumenten op om geen paling meer te kopen of te serveren.

    Europese paling ernstig bedreigd

    De Europese paling (Anguilla anguilla) staat op de Rode Lijst van de International Union for Conservation of Nature (IUCN) als ernstig bedreigd.

    De achteruitgang heeft meerdere oorzaken. Overbevissing, illegale handel, watervervuiling, verlies van leefgebied en barrières zoals dammen en gemalen bemoeilijken het voortbestaan van de soort.

    De Europese paling heeft bovendien een ingewikkelde levenscyclus. De dieren groeien op in Europese binnenwateren en kustgebieden en trekken uiteindelijk naar de Sargassozee om zich voort te planten. Obstakels tijdens die migratie kunnen grote gevolgen hebben voor de populatie.

    Het persbericht spreekt van een afname van 90 procent in veertig jaar. Die formulering vraagt om nuance: wetenschappelijke onderzoeken maken onderscheid tussen de hoeveelheid jonge paling die Europese wateren bereikt, de volwassen populatie en regionale ontwikkelingen. Deze cijfers zijn niet zonder meer uitwisselbaar.

    Oproep tot strengere bescherming

    Relais & Châteaux en Ethic Ocean willen Europese ministers dit najaar opnieuw oproepen om de palingvisserij tijdelijk stil te leggen totdat de populatie zich voldoende heeft hersteld.

    Daarnaast pleiten de organisaties voor maatregelen tegen andere bedreigingen, waaronder vervuiling en obstakels in rivieren.

    Een tijdelijk visserijverbod alleen biedt namelijk geen volledige oplossing. Herstel van de palingstand vraagt ook om verbetering van leefgebieden, betere migratiemogelijkheden en effectieve bestrijding van illegale handel.

    Mauro Colagreco benadrukt dat chefs via hun inkoopbeleid invloed kunnen uitoefenen op de voedselketen. Volgens hem moeten restaurants niet alleen kijken naar de kwaliteit van hun ingrediënten, maar ook naar de ecologische gevolgen van hun keuzes.

    UNESCO-samenwerking brengt chefs naar Portugal

    Tijdens hun verblijf in Portugal bezochten de chefs het UNESCO Global Geopark Oeste en het gebied van de Berlengas, dat door UNESCO is erkend als biosfeerreservaat.

    De bezoeken maakten deel uit van de samenwerking tussen Relais & Châteaux en UNESCO, waarin aandacht bestaat voor de relatie tussen gastronomie, natuur en cultureel erfgoed.

    De deelnemers onderzochten hoe regionale producten, traditionele bereidingswijzen en lokale ecosystemen met elkaar samenhangen.

    Volgens Oihana Subijana, verbonden aan restaurant en hotel Akelarre in Spanje en vertegenwoordiger van Spanje en Portugal binnen de World Culinary Council, vormt biodiversiteit een belangrijke basis voor de kwaliteit van voedsel.

    De samenwerking moet chefs stimuleren om rekening te houden met de herkomst van ingrediënten en de gevolgen van hun inkoop voor de omgeving.

    Van goede bedoelingen naar meetbare resultaten

    Met de bijeenkomst in Lissabon wil Relais & Châteaux laten zien dat restaurants een rol kunnen spelen bij natuurbehoud. Het niet langer serveren van bedreigde diersoorten is daarvan een concreet voorbeeld.

    Tegelijk blijft de vraag hoe groot de daadwerkelijke ecologische invloed van dergelijke initiatieven is. Het percentage restaurants dat geen paling serveert, zegt op zichzelf nog niets over de hoeveelheid paling die daardoor minder wordt gevangen of verhandeld.

    Daarvoor zijn aanvullende gegevens nodig, bijvoorbeeld over eerdere inkoopvolumes en veranderingen in de vraag.

    De stap van Relais & Châteaux past binnen een bredere ontwikkeling waarbij restaurants steeds vaker worden aangesproken op hun verantwoordelijkheid voor de herkomst van producten en de bescherming van natuurlijke hulpbronnen.

    Voor de gastronomie ligt de uitdaging niet alleen bij het ontwikkelen van duurzamere menu’s, maar vooral bij het aantoonbaar verminderen van de belasting op natuur en milieu.

  • Vakman te duur: Nederlanders klussen steeds vaker zelf

    Vakman te duur: Nederlanders klussen steeds vaker zelf

    Een schilder inhuren, een vloer leggen of een nieuwe deur monteren? Veel Nederlanders pakken dergelijke werkzaamheden liever zelf aan. Volgens onderzoek van deurenleverancier Degelijke Deuren vindt 77 procent de tarieven van vakmensen te hoog. Online instructievideo’s en kunstmatige intelligentie (AI) helpen consumenten om zelf aan de slag te gaan. Toch blijft de vraag of digitaal advies voldoende is om iedere klus veilig en vakkundig uit te voeren.

    Degelijke Deuren liet ongeveer duizend Nederlanders tussen 16 en 69 jaar ondervragen over hun klusgedrag. Volgens het bedrijf stelt een kwart van de ondervraagden werkzaamheden uit omdat zij geen beschikbare vakman kunnen vinden.

    De resultaten wijzen erop dat kosten en beschikbaarheid een belangrijke rol spelen bij de keuze om zelf te klussen. Het onderzoek maakt echter niet duidelijk hoeveel mensen daadwerkelijk vaker zelf klussen dan enkele jaren geleden.

    Schilderen en boren doen Nederlanders zelf

    Eenvoudige werkzaamheden voeren veel ondervraagden zonder professionele hulp uit. Minstens driekwart zegt zelf te schilderen, te boren of voorwerpen op te hangen. Ook behangen neemt meer dan de helft voor eigen rekening.

    Bij technisch ingewikkeldere werkzaamheden neemt de bereidheid af. Toch leggen sommige respondenten zelf vloeren, monteren ze binnendeuren of voeren ze elektrische werkzaamheden uit. Tegelen besteden de meesten liever uit.

    Ongeveer één op de tien ondervraagden geeft aan helemaal niet zelf te klussen.

    Dat mensen bepaalde werkzaamheden zelf uitvoeren, betekent overigens niet automatisch dat zij daarvoor voldoende kennis of ervaring hebben. Vooral bij elektrische installaties kunnen fouten ernstige gevolgen hebben.

    Klussen levert ook voldoening op

    Geld besparen vormt niet de enige reden om zelf aan de slag te gaan. Volgens het onderzoek ervaart ruim twee derde van de ondervraagden voldoening wanneer zij een klus zelf uitvoeren.

    Het gevoel iets zelfstandig te hebben gemaakt of gerepareerd, speelt daarmee eveneens een rol.

    Jasper Halleriet van Degelijke Deuren ziet dat consumenten door de beschikbaarheid van online informatie meer werkzaamheden aandurven. Hij wijst op montagehandleidingen, instructievideo’s en AI-toepassingen die gebruikers stap voor stap door een klus kunnen begeleiden.

    Die ontwikkeling is ook commercieel interessant voor het bedrijf, dat zelf deuren verkoopt. De onderzoeksresultaten verdienen daarom enige voorzichtigheid bij de interpretatie.

    YouTube en AI als digitale klusadviseur

    Familieleden en vrienden blijven volgens de onderzoekers de belangrijkste informatiebron voor doe-het-zelvers. YouTube volgt op de tweede plaats.

    Daarnaast raadplegen consumenten handleidingen van fabrikanten, websites, bouwmarktmedewerkers en AI-toepassingen.

    Bijna één op de drie ondervraagde klussers zegt inmiddels AI te gebruiken voor advies. Twee derde geeft aan dat online video’s en AI hen helpen om werkzaamheden aan te durven die zij anders mogelijk zouden uitbesteden.

    AI kan bijvoorbeeld uitleg geven over gereedschap, materialen en de volgorde van werkzaamheden. Toch biedt een digitaal stappenplan geen garantie dat een klus technisch correct of veilig verloopt. Bij werkzaamheden aan elektriciteit, gasinstallaties en dragende constructies blijft deskundige beoordeling belangrijk.

    Jonge vrouwen doorbreken traditionele rolverdeling

    Het onderzoek signaleert ook verschillen tussen leeftijdsgroepen en tussen mannen en vrouwen.

    Jongeren van 16 tot 29 jaar zeggen relatief vaak dat zij minder klusvaardig zijn dan hun ouders. Tegelijk gebruiken zij online informatie om ontbrekende kennis aan te vullen.

    Vooral jonge vrouwen zoeken volgens het onderzoek vaker advies via sociale media. Zij raadplegen TikTok en Instagram ruim twee keer zo vaak als jonge mannen en maken ook vaker gebruik van AI.

    De onderzoekers melden bovendien dat jonge vrouwen vaker zelf een vloer leggen dan mannen van dezelfde leeftijd. Onder dertigers zouden vrouwen vaker zelfstandig een deur monteren.

    Bij zestigplussers ligt die verhouding anders. In deze leeftijdsgroep voeren mannen volgens het onderzoek vaker werkzaamheden aan deuren en elektrische installaties uit.

    Deze resultaten suggereren dat traditionele verschillen in klusgedrag tussen mannen en vrouwen bij jongere generaties minder vanzelfsprekend zijn. Zonder exacte aantallen per leeftijds- en geslachtsgroep valt echter moeilijk te beoordelen hoe groot die verschillen werkelijk zijn.

    Zelf een deur monteren vraagt nauwkeurigheid

    Deurenleverancier Degelijke Deuren wijst specifiek op de groeiende belangstelling voor het zelfstandig monteren van binnendeuren.

    Volgens het onderzoek raadplegen consumenten die zelf een deur plaatsen relatief vaak de handleiding of website van de fabrikant.

    Dat is begrijpelijk. Een deur correct afhangen vraagt nauwkeurig meten, het juiste gereedschap en kennis van scharnieren, sluitwerk en kozijnen. Kleine meetfouten kunnen ervoor zorgen dat een deur klemt of niet goed sluit.

    Een instructievideo kan daarbij helpen, maar neemt de noodzaak van zorgvuldig werken niet weg.

    Onderzoeksresultaten vragen om nuance

    Het onderzoek schetst een beeld van Nederlanders die kosten willen besparen, plezier beleven aan zelf klussen en steeds vaker digitale hulpmiddelen raadplegen.

    Tegelijk kent de beschikbare informatie beperkingen. Degelijke Deuren vermeldt in het aangeleverde bericht niet welk onafhankelijk onderzoeksbureau de enquête uitvoerde, hoe de steekproef werd samengesteld of wanneer het veldwerk plaatsvond.

    Ook ontbreken de volledige vragenlijst, de exacte percentages bij verschillende werkzaamheden en de statistische onzekerheidsmarges.

    Daarom kunnen de uitkomsten niet zonder meer aantonen dat Nederlanders tegenwoordig daadwerkelijk meer zelf klussen dan vroeger.

    Wat het onderzoek wel laat zien, is dat veel ondervraagden professionele hulp duur vinden en online informatie gebruiken om werkzaamheden zelfstandig aan te pakken.

    De vakman verdwijnt daarmee niet uit beeld. Maar bij de keuze tussen een offerte aanvragen en eerst een instructievideo bekijken, lijkt voor een deel van de consumenten de telefoon tegenwoordig het eerste gereedschap.

  • Nederlanders zien cosmetica als meer dan uiterlijk

    Nederlanders zien cosmetica als meer dan uiterlijk

    Voor veel Nederlanders draait persoonlijke verzorging niet alleen om er goed uitzien. Ook zelfvertrouwen en welzijn spelen een rol. Volgens de Consumentenperceptiestudie 2026 heeft 93 procent van de Nederlanders een dagelijkse verzorgingsroutine. Ruim acht op de tien ondervraagden leggen bovendien een verband tussen persoonlijke verzorging, hun welbevinden en gezond ouder worden.

    Uit de Nederlandse resultaten van het onderzoek blijkt dat 83 procent van de deelnemers vindt dat hun verzorgingsroutine een positieve invloed heeft op hoe zij zich voelen. Zij zien ook een verband met gezond ouder worden. Dat betekent overigens niet dat het onderzoek aantoont dat cosmetische producten daadwerkelijk het verouderingsproces vertragen of de gezondheid verbeteren.

    Persoonlijke verzorging en zelfvertrouwen

    Voor veel ondervraagden speelt persoonlijke verzorging ook een rol buiten de badkamer. Zo zegt 75 procent dat hun dagelijkse routine helpt om met zelfvertrouwen deel te nemen aan werk, school en sociale activiteiten.

    Daarnaast onderschrijft 76 procent de stelling dat een prettig en zelfverzekerd gevoel bijdraagt aan de productiviteit. Het onderzoek beschrijft daarmee vooral hoe consumenten de invloed van persoonlijke verzorging zelf ervaren.

    Of mensen door het gebruik van cosmetica daadwerkelijk productiever worden, valt uit deze antwoorden niet af te leiden.

    Cosmetica volgens de branchevereniging

    Ronald van Welie, directeur van de Nederlandse Cosmetica Vereniging (NCV), ziet in de resultaten een bevestiging dat consumenten persoonlijke verzorging breder beoordelen dan alleen op uiterlijk.

    Volgens Van Welie verbinden Nederlanders het gebruik van verzorgingsproducten aan gevoelens van comfort, zelfvertrouwen en welzijn. Hij benadrukt dat persoonlijke verzorging voor veel mensen onderdeel vormt van hun dagelijkse gewoonten.

    De NCV vertegenwoordigt de cosmeticasector en heeft daarmee ook een belang bij de maatschappelijke waardering van verzorgingsproducten.

    Onderzoek onder 400 Nederlanders

    De Nederlandse cijfers komen uit de Europese Consumentenperceptiestudie 2026. Onderzoeksbureau Ifop voerde het onderzoek uit in opdracht van Cosmetics Europe, de Europese brancheorganisatie voor cosmetica.

    In totaal namen 6.001 Europese consumenten deel, onder wie 400 Nederlanders.

    Die Nederlandse steekproef biedt inzicht in de opvattingen van de ondervraagden, maar vraagt om enige voorzichtigheid bij het vertalen van de percentages naar de gehele Nederlandse bevolking. Het aangeleverde persbericht vermeldt niet hoe de onderzoekers de deelnemers selecteerden, of zij de resultaten wogen en welke foutmarges gelden.

    Ervaring is geen bewezen effect

    De uitkomsten laten vooral zien welke betekenis consumenten zelf aan persoonlijke verzorging geven. Een dagelijkse routine kan voor hen samenhangen met een prettig gevoel, meer zelfvertrouwen of het idee goed voor zichzelf te zorgen.

    Dat is iets anders dan wetenschappelijk aantonen dat cosmetica rechtstreeks bijdraagt aan een betere gezondheid, hogere productiviteit of gezonder ouder worden.

    De belangrijkste conclusie van het onderzoek is dan ook dat veel ondervraagde Nederlanders persoonlijke verzorging niet uitsluitend als een kwestie van uiterlijk beschouwen, maar ook verbinden aan hun dagelijks welzijn.

  • Julius Jaspers wordt ambassadeur Hersenstichting

    Julius Jaspers wordt ambassadeur Hersenstichting

    TV-kok, ondernemer en kookboekenschrijver Julius Jaspers wordt ambassadeur van de Hersenstichting. Jaspers kreeg in 2025 een hersenbloeding en wil zijn ervaringen met zijn herstel gebruiken om aandacht te vragen voor hersenaandoeningen en de gevolgen daarvan.

    De Hersenstichting maakte zijn ambassadeurschap woensdag bekend tijdens het Business Breakfast in het Muziekgebouw aan ’t IJ in Amsterdam. Het jaarlijkse evenement voor zakelijke relaties van de stichting stond dit jaar in het teken van hersengezondheid op de werkvloer.

    Voor Jaspers heeft zijn nieuwe rol een persoonlijke aanleiding. In 2025 kreeg hij een hersenbloeding, waarna een intensieve revalidatieperiode volgde.

    „Een hersenbloeding heeft mijn leven van de ene op de andere dag veranderd”, zegt Jaspers. „Die ervaring wil ik graag inzetten om anderen te helpen en meer aandacht te vragen voor het belang van gezonde hersenen en voor mensen die leven met de gevolgen van een hersenaandoening.”

    Herstel vastgelegd in documentaire

    Jaspers werkte eerder met de Hersenstichting samen aan de vierdelige documentaireserie Back On Track. Daarin wordt zijn herstel na de hersenbloeding gevolgd.

    De Hersenstichting omschrijft de serie als een verslag van zijn zoektocht naar wat na zijn hersenbloeding en revalidatie opnieuw mogelijk is. Ook neuropsycholoog Erik Scherder, ondernemer Oos Kesbeke en chef-kok Ron Blaauw komen in de serie aan het woord. De documentaire is via de Hersenstichting en YouTube te bekijken.

    Jaspers vertelt dat de hersenbloeding hem dwong zijn mogelijkheden en prioriteiten opnieuw te bekijken.

    „Ineens moest ik opnieuw ontdekken wat ik wel en niet kon en wat voor mij belangrijk is. Tijdens mijn revalidatie heb ik geleerd om vooral te kijken naar wat wél kan, in plaats van naar wat niet meer kan.”

    Een hersenbloeding is een vorm van een beroerte. Daarbij scheurt een bloedvat, waardoor bloed in of rond de hersenen terechtkomt en hersenweefsel beschadigd kan raken. De gevolgen verschillen sterk per patiënt en zijn onder meer afhankelijk van de plaats en omvang van de bloeding.

    Aandacht voor gevolgen hersenaandoeningen

    Als ambassadeur wil Jaspers volgens de Hersenstichting vooral aandacht vragen voor de gevolgen die een hersenaandoening in het dagelijks leven kan hebben.

    Directeur-bestuurder David Verschoor van de Hersenstichting noemt de persoonlijke ervaring van Jaspers daarbij belangrijk.

    „Zijn verhaal maakt voelbaar hoeveel impact een hersenaandoening heeft op het dagelijks leven. Met zijn openheid en energie kan hij veel mensen bereiken”, aldus Verschoor.

    Volgens de meest recente cijfers van de Hersenstichting leven ongeveer 4,6 miljoen mensen in Nederland met een hersenaandoening. Daaronder vallen zeer uiteenlopende aandoeningen, van dementie, Parkinson en beroertes tot migraine en verschillende psychische aandoeningen.

    De Hersenstichting richt zich onder meer op wetenschappelijk onderzoek, preventie, behandeling en ondersteuning van mensen met een hersenaandoening. In 2025 investeerde de organisatie naar eigen zeggen ruim 18 miljoen euro in onderzoek, projecten en andere activiteiten rond hersengezondheid.

    Met zijn ambassadeurschap verbindt Jaspers zijn bekendheid als kok, ondernemer en auteur daarmee aan een onderwerp waarmee hij sinds zijn hersenbloeding ook persoonlijk te maken heeft.

  • Muziek geeft ritme aan oogstfeest Montmartre

    Muziek geeft ritme aan oogstfeest Montmartre

    Van 7 tot en met 11 oktober staat het 18e arrondissement van Parijs opnieuw in het teken van de Fête des Vendanges de Montmartre. De 93e editie van het traditionele oogstfeest kiest dit jaar muziek als centraal thema. Onder het motto Le 18e donne le rythme – het 18e geeft het ritme aan – combineert het programma wijn, gastronomie, muziek en de geschiedenis van Montmartre. De gemeente Parijs bevestigt zowel de data als het muzikale thema van de editie van 2026. Mairie du 18ᵉ arrondissement

    Het feest draait oorspronkelijk om de wijngaard Clos Montmartre, maar heeft zich in de loop der jaren over een groot deel van het 18e arrondissement verspreid. Volgens de organisatie trekt het evenement bijna 500.000 bezoekers en behoort het daarmee tot de drukst bezochte evenementen die de stad Parijs organiseert. DP ENG – Fête des vendanges_co… De gemeente noemt het festival eveneens het derde Parijse evenement naar bezoekersaantallen, na Paris Plages en Nuit Blanche. Mairie du 18ᵉ arrondissement

    Wijngaard midden in Parijs

    De wijnbouwgeschiedenis van Montmartre gaat veel verder terug dan het huidige festival. Op de hellingen van de Butte stonden al eeuwenlang wijnstokken. De huidige Clos Montmartre ontstond in de jaren dertig, toen buurtbewoners en lokale organisaties zich verzetten tegen bebouwing van het terrein. De stad plantte er opnieuw wijnstokken en in 1934 vond het eerste oogstfeest plaats. Paris.fr

    Tegenwoordig telt de Clos Montmartre volgens de stad Parijs 1.762 wijnstokken op 1.556 vierkante meter. Er staan 27 druivenrassen, waarbij gamay en pinot het grootste deel van de aanplant vormen. Een normale oogst bedraagt ongeveer een ton druiven, goed voor circa 2.000 halve-literflessen rode wijn en rosé. Paris.fr

    Ook dit jaar is er daadwerkelijk geoogst. Op 17 september werd volgens het stadsdeel 1.329 kilo druiven binnengehaald. Na de oogst gingen de druiven naar de kelders van het gemeentehuis van het 18e arrondissement voor verdere verwerking. Mairie du 18ᵉ arrondissement

    De opbrengsten van de verkoop van de Clos Montmartre-wijnen gaan naar sociale initiatieven in het arrondissement. Dat gebruik bestaat al langere tijd en wordt ook door de gemeente Parijs bevestigd. Paris.fr

    Van wijnfeest naar stadsfestival

    Hoewel de wijngaard de historische aanleiding vormt, is de Fête des Vendanges inmiddels veel meer dan een wijnfeest. Het programma omvat concerten, koren, straattheater, optochten, wandelingen, een avondloop en activiteiten voor kinderen.

    Muziek vormt in 2026 de rode draad. Zo zingen op donderdag 8 oktober volgens het programma ongeveer 1.200 leerlingen uit scholen van het 18e arrondissement samen in het Children’s Grand Choir. Diezelfde dag staat ook de traditionele Night Run op het programma. DP ENG – Fête des vendanges_co…

    Een dag later begint Parcours du Goût, het gastronomische onderdeel van het festival. Van 9 tot en met 11 oktober presenteren producenten, wijnbouwers en ambachtslieden hun producten rond de Sacré-Cœur. De organisatie legt daarbij nadruk op regionale producten, ambachtelijke productie en korte voedselketens. DP ENG – Fête des vendanges_co…

    Oogstproclamatie en grote optocht

    Zaterdag 10 oktober vormt een van de belangrijkste dagen. Bij Clos Montmartre vindt eerst de traditionele Grape Harvest Proclamation plaats. Daarna trekt de Grand Parade door Montmartre, met wijn- en gastronomische broederschappen, muzikanten, bewoners en verenigingen. DP ENG – Fête des vendanges_co…

    Ook de stad Parijs vermeldt de traditionele optocht als een van de centrale onderdelen van het programma van dit jaar. Paris.fr

    Nieuw in 2026 zijn onder meer bustochten door het arrondissement, een Block Party bij Porte de la Chapelle, de rondtrekkende brassband Urban Symphony en een nieuw podium bij de Arènes de Montmartre. DP ENG – Fête des vendanges_co…

    Niet trouwen als traditie

    Montmartre zou Montmartre niet zijn zonder enige eigenzinnigheid. Op zondag 11 oktober keert daarom de Cérémonie des non-demandes en mariage terug. Stellen verklaren daar juist dat ze niet van plan zijn met elkaar te trouwen. Het evenement combineert de romantische reputatie van Montmartre met een flinke dosis zelfspot. DP ENG – Fête des vendanges_co…

    Later die dag sluit een openbaar bal het vijfdaagse festival af.

    De meeste activiteiten van de Fête des Vendanges zijn gratis toegankelijk. Voor enkele onderdelen is vooraf reserveren noodzakelijk of geldt toegang op uitnodiging. De activiteiten vinden verspreid plaats over het 18e arrondissement, onder meer bij Clos Montmartre, Square Louise-Michel, de Sacré-Cœur, Place des Abbesses en de Arènes de Montmartre. DP ENG – Fête des vendanges_co…

    Daarmee is de druivenoogst nog altijd de aanleiding voor het feest, maar allang niet meer het enige waar het om draait. Vijf dagen lang gebruikt Montmartre zijn kleine stadswijngaard als vertrekpunt voor een festival waarin wijn, eten, muziek en de buurt zelf samenkomen.

  • Gransjean in Den Haag sluit zich aan bij Gastrovino

    Gransjean in Den Haag sluit zich aan bij Gastrovino

    De Haagse wijn- en delicatessenwinkel Gransjean sluit zich aan bij Gastrovino. De speciaalzaak aan de Bankastraat gaat vanaf 1 oktober verder onder de naam Gastrovino Gransjean. Eigenaar Rik Nijenhuis houdt het bestaande assortiment grotendeels in stand en voegt geleidelijk producten van de landelijke formule toe.

    Gransjean is al lange tijd gevestigd in de Haagse Archipelbuurt en verkoopt vanuit de winkel aan Bankastraat 12 onder meer wijn, kaas, charcuterie, brood, belegde broodjes, chocolade en andere delicatessen. De eigen website vermeldt momenteel een assortiment van meer dan 300 wijnen.

    De onderneming presenteert de aansluiting bij Gastrovino als een manier om de winkel verder te ontwikkelen zonder het lokale karakter te veranderen. Vanaf 1 oktober wordt de naam Gastrovino Gransjean gebruikt.

    „Wij weten wat hier in de buurt werkt en waar onze klanten voor terugkomen. Gastrovino brengt daar nieuwe producten, kennis en inspiratie bij. Zo kunnen we vernieuwen zonder kwijt te raken wat Gransjean juist zo vertrouwd heeft gemaakt”, zegt Nijenhuis.

    Bestaand assortiment blijft

    Volgens Gransjean blijven de bekende onderdelen van het assortiment beschikbaar. Daaronder vallen de belegde broodjes, maaltijden, Nederlandse en buitenlandse kazen, vleeswaren, chocolade en wijnen. Het huidige aanbod van de winkel bevestigt dat wijn, broodjes en delicatessen belangrijke productgroepen zijn.

    Daar komen geleidelijk producten uit het assortiment van Gastrovino bij. Ook wil Nijenhuis meer aandacht besteden aan kleinere porties, kant-en-klare maaltijden en producten waarmee consumenten thuis snel een maaltijd kunnen bereiden.

    „Gemak wordt steeds belangrijker, maar kwaliteit blijft voor ons altijd vooropstaan”, aldus Nijenhuis.

    De aansluiting betekent niet dat Gransjean opgaat in één landelijke winkelketen met identieke vestigingen. Gastrovino omschrijft zichzelf als een samenwerkingsverband van zelfstandige ondernemers. De organisatie telt volgens haar eigen website momenteel 31 winkels. De aangesloten ondernemers maken onder meer gebruik van gezamenlijke inkoop, assortimenten en ondersteuning, maar behouden ruimte voor een eigen lokale invulling.

    Gastrovino bestaat sinds 1932

    De geschiedenis van Gastrovino gaat terug tot 1932. Een groep winkeliers begon destijds gezamenlijk kruidenierswaren in te kopen. Uit die samenwerking ontwikkelde zich de huidige organisatie van wijn- en delicatessenwinkels. Gastrovino vierde in 2022 het negentigjarig bestaan.

    Opvallend genoeg krijgt Gastrovino met Gransjean niet zijn eerste vestiging in Den Haag. Gastrovino La Liguria in Scheveningen maakt al deel uit van de formule. Ook het hoofdkantoor van Gastrovino Nederland bevindt zich in Den Haag.

    Gransjean blijft Gransjean

    Voor vaste klanten moet de verandering daardoor vooral zichtbaar worden in de naam op de gevel en een geleidelijke uitbreiding van het assortiment. De broodjes, kazen, vleeswaren en wijnen waarvoor Gransjean bekendstaat, blijven volgens de ondernemer onderdeel van de winkel.

    Dat lokale karakter past overigens bij de manier waarop Gastrovino zijn formule organiseert. In de eigen ondernemersdocumentatie benadrukt de organisatie dat aangesloten winkels geen volledig gestandaardiseerd assortiment hoeven te voeren. Ondernemers kunnen het aanbod aanpassen aan hun eigen specialisme en omgeving en lokale producten blijven verkopen.

    Voor Gransjean betekent de aansluiting daarmee vooral dat achter een oude Haagse winkelnaam voortaan een groter samenwerkingsverband staat. Vanaf 1 oktober staat er Gastrovino Gransjean op de deur, maar voor het vertrouwde broodje hoeven klanten volgens Nijenhuis niet ineens naar een andere Bankastraat.

  • Kraanwaterdag zet drinkwater centraal in Abcoude

    Kraanwaterdag zet drinkwater centraal in Abcoude

    Leerlingen van OBS Piet Mondriaan in Abcoude kregen woensdag tijdens Nationale Kraanwaterdag les over de herkomst, kwaliteit en het gebruik van drinkwater. Drinkwaterbedrijf Vitens organiseerde op het schoolplein verschillende activiteiten en proefjes. De dag moet kinderen bewuster maken van de waarde van kraanwater en de toenemende druk op de Nederlandse drinkwatervoorziening.

    Nationale Kraanwaterdag vindt dit jaar plaats op woensdag 30 september. De tien Nederlandse drinkwaterbedrijven organiseren het evenement gezamenlijk. Basisscholen en buitenschoolse opvanglocaties kunnen hiervoor educatief materiaal gebruiken. Het gaat onder meer om proefjes, filmpjes, opdrachten en een digitale escape room. De organisatie richt zich daarbij zowel op kraanwater als dorstlesser als op bewust watergebruik.

    De activiteiten in Abcoude stonden ook daadwerkelijk op het programma van OBS Piet Mondriaan. De school vermeldt Nationale Kraanwaterdag op haar kalender en kondigde eerder aan dat Vitens activiteiten voor alle groepen zou verzorgen.

    Zes activiteiten op het schoolplein

    Op het schoolplein gingen leerlingen volgens Vitens langs zes activiteiten en proefjes. Ze leerden onder meer waar hun drinkwater vandaan komt, hoe het wordt geproduceerd en waarom zorgvuldig gebruik ervan belangrijk is.

    Voor OBS Piet Mondriaan sluit het onderwerp volgens directeur Martine Koomen aan bij het burgerschapsonderwijs van de school.

    „Bewust omgaan met drinkwater past perfect binnen ons burgerschapsprogramma. Duurzaamheid speelt daarin een belangrijke rol. We vinden het belangrijk dat leerlingen leren hoe waardevol water is en waarom we er zorgvuldig mee moeten omgaan”, aldus Koomen.

    In het verzorgingsgebied van Vitens doen volgens het drinkwaterbedrijf dit jaar ruim 70.000 kinderen uit bijna 1.600 klassen mee. De landelijke organisatie meldt dat jaarlijks meer dan 200.000 kinderen deelnemen aan Nationale Kraanwaterdag.

    De editie van 2026 is de zevende landelijke editie. Dat aantal wordt ook vermeld door andere deelnemende drinkwaterbedrijven.

    Drinkwatervoorziening staat onder druk

    Vitens-topman Tjeerd Roozendaal opende het programma in Abcoude. Hij wees daarbij op het belang van bescherming van de bronnen waaruit drinkwater wordt gewonnen.

    Dat de Nederlandse drinkwatervoorziening voor uitdagingen staat, wordt ondersteund door onderzoek van het RIVM. Het instituut verwacht dat de vraag naar drinkwater verder stijgt, onder meer door bevolkingsgroei en klimaatverandering. Tegelijk kunnen droogte en verontreiniging de beschikbaarheid en kwaliteit van grond- en oppervlaktewater verminderen.

    Het RIVM berekende eerder dat Nederland in 2030 ongeveer 100 miljoen kubieke meter meer drinkwater nodig kan hebben dan in 2020. Zonder aanvullende maatregelen kunnen daardoor tekorten ontstaan. Drinkwaterbedrijven zoeken daarom naar nieuwe bronnen en uitbreiding van hun productiecapaciteit, terwijl de overheid en de sector ook inzetten op waterbesparing.

    Ook voor de langere termijn blijft die opgave bestaan. In een onderzoek uit 2026 concludeert het RIVM dat warmere en drogere zomers de beschikbaarheid van water kunnen verminderen, terwijl bevolkingsgroei de vraag juist kan verhogen. Hoe groot de problemen uiteindelijk worden, hangt onder meer af van bevolkingsgroei, klimaatontwikkeling en maatregelen die de komende jaren worden genomen.

    Gastles van Klaas van Kruistum

    Tv-presentator Klaas van Kruistum gaf tijdens de bijeenkomst een gastles aan leerlingen uit groep 7 en 8. Van Kruistum, bekend van onder meer Checkpoint en Klaas Kan Alles, vertelde daarbij over zijn ervaringen met drinkwater tijdens reizen naar andere landen.

    In het persbericht stelt hij dat slechts 1 procent van al het water op aarde drinkbaar is. Die veelgebruikte formulering behoeft nuance. Het overgrote deel van het water op aarde is zout en van het zoete water ligt een groot gedeelte opgeslagen in ijs en grondwater. Hoeveel water daadwerkelijk beschikbaar en geschikt is voor menselijke consumptie, hangt bovendien af van bereikbaarheid, kwaliteit en zuivering. De strekking dat direct bruikbaar zoetwater slechts een klein deel van de totale watervoorraad vormt, klopt wel.

    Bescherming van bronnen

    De aandacht voor zuinig watergebruik betekent overigens niet dat mensen minder water zouden moeten drinken. Nationale Kraanwaterdag richt zich juist op kraanwater als alternatief voor bijvoorbeeld gezoete dranken. De besparingsboodschap gaat vooral over ander huishoudelijk watergebruik.

    Daarnaast speelt de kwaliteit van de bronnen een belangrijke rol. Ongeveer 60 procent van het Nederlandse drinkwater wordt volgens het RIVM gemaakt uit grondwater. Verontreinigingen in grond- en oppervlaktewater maken de productie van schoon drinkwater ingewikkelder en kunnen extra zuivering noodzakelijk maken.

    Daarmee heeft de boodschap die de leerlingen in Abcoude woensdag meekregen een bredere achtergrond dan alleen een educatieve ochtend op het schoolplein. Nederland beschikt over betrouwbaar kraanwater, maar het op peil houden van voldoende schoon drinkwater vraagt de komende jaren om bescherming van bronnen, uitbreiding van capaciteit en bewuster gebruik.

  • Nederlanders geven 860 miljoen euro uit aan supplementen

    Nederlanders geven 860 miljoen euro uit aan supplementen

    Nederlanders gaven in 2024 naar schatting 860 miljoen euro uit aan voedingssupplementen. Dat was 11 procent meer dan een jaar eerder. Vitamine D is het meest verkochte supplement. Juist bij groepen waarvoor dagelijks extra vitamine D wordt geadviseerd, blijft het gebruik echter achter.

    De Nederlandse markt voor voedingssupplementen groeide volgens cijfers van onderzoeksbureau Info2Action in 2024 van 775 miljoen naar 860 miljoen euro. Brancheorganisatie NPN, die deze cijfers publiceert, meldt een gemiddelde besteding van 80 euro per consument. Vitamine D staat bovenaan: ongeveer de helft van de supplementengebruikers kocht in 2024 een vitamine D-product. Daarna volgen multivitaminen en magnesium.

    Dat commerciële marktbeeld staat tegenover gegevens van het RIVM over de opvolging van het officiële vitamine D-advies. Uit de Voedselconsumptiepeiling 2019-2021 blijkt dat iets meer dan een derde van de vrouwen vanaf 50 jaar en ongeveer een kwart van de mannen vanaf 70 jaar het advies opvolgt. Het RIVM concludeert zelf dat vooral bij ouderen verbetering mogelijk is.

    Niet iedereen heeft supplementen nodig

    Voor de meeste mensen die gezond en gevarieerd eten, zijn extra vitamines en mineralen niet nodig. Het Voedingscentrum stelt bovendien dat het slikken van supplementen voor deze groep geen extra gezondheidsvoordeel oplevert. Voor een aantal bevolkingsgroepen gelden wel specifieke suppletieadviezen.

    Kinderen tot en met drie jaar krijgen het advies dagelijks 10 microgram vitamine D te gebruiken. Dat geldt ook voor vrouwen van 50 tot en met 69 jaar. Vanaf 70 jaar geldt voor zowel mannen als vrouwen een advies van 20 microgram per dag.

    Ook mensen tot 70 jaar met een donkere of getinte huid en mensen die overdag weinig buiten komen of hun gezicht bedekken, krijgen het advies dagelijks 10 microgram vitamine D te nemen. Voor zwangere vrouwen geldt eveneens een advies van 10 microgram.

    Daarnaast adviseert het Voedingscentrum vrouwen die zwanger willen worden dagelijks 400 microgram foliumzuur te gebruiken, vanaf minimaal vier weken vóór de conceptie tot tien weken na de conceptie. Veganisten krijgen het advies vitamine B12 te gebruiken, omdat deze vitamine van nature vrijwel uitsluitend in dierlijke producten voorkomt.

    Supplement vaak ‘voor de zekerheid’

    Nederlanders gebruiken supplementen lang niet altijd vanwege zo’n officieel advies. Uit onderzoek van het CBS, gebaseerd op de Voedselconsumptiepeiling en het onderzoek Belevingen 2022, blijkt dat 57 procent van de volwassenen in de voorafgaande twaalf maanden ten minste één voedingssupplement had gebruikt.

    Een derde van alle volwassenen gebruikte een of meer supplementen ‘voor de zekerheid’. Van de gebruikers van een multivitamine noemde 61 procent dit als reden. Bij vitamine C was dat 55 procent en bij een vitamine B-complex 43 procent.

    Artsen spelen bij een deel van het gebruik wel een rol. Bijna 23 procent van alle volwassenen gebruikte minstens één supplement op advies van een huisarts, praktijkondersteuner of specialist. Vitamine D werd het vaakst op medisch advies gebruikt: 15 procent van alle volwassenen nam dit supplement mede op advies van een arts.

    Bij multivitaminen en vitamine C kwam een advies van partner, familie of vrienden ongeveer even vaak voor als een advies van een arts.

    Vitamine D het hele jaar

    Het vitamine D-advies voor de betreffende risicogroepen geldt niet alleen tijdens de wintermaanden, maar het hele jaar.

    Dat onderscheid is relevant omdat het supplementengebruik seizoensgebonden blijkt te zijn. Eerder RIVM-onderzoek onder 70-plussers liet bijvoorbeeld zien dat 45 procent tijdens de wintermaanden voedingssupplementen gebruikte, tegenover 38 procent gedurende de rest van het jaar.

    Het lichaam kan onder invloed van zonlicht zelf vitamine D aanmaken. Juist voor de groepen waarvoor een suppletieadvies geldt, is die eigen aanmaak echter niet voldoende om het officiële advies overbodig te maken. Voor vrouwen tussen 50 en 70 jaar bedraagt het advies dagelijks 10 microgram; voor iedereen vanaf 70 jaar is dat 20 microgram.

    Meer slikken is niet automatisch beter

    Dat een vitamine of mineraal noodzakelijk is, betekent niet dat een hogere dosis automatisch beter is. Het Voedingscentrum waarschuwt dat langdurige hoge innames van bepaalde vitamines en mineralen schadelijk kunnen zijn.

    Daarbij speelt ook het combineren van supplementen een rol. Een multivitamine kan dezelfde vitamines en mineralen bevatten als afzonderlijk ingenomen supplementen. Het CBS wijst erop dat overdosering kan optreden wanneer verschillende supplementen naast elkaar worden gebruikt.

    Het is daarom verstandig niet alleen naar de dosering van één potje te kijken, maar ook na te gaan hoeveel van dezelfde stof via andere supplementen wordt ingenomen.

    Groeiende markt, beperkte naleving

    De cijfers laten daarmee twee ontwikkelingen naast elkaar zien. De commerciële markt voor voedingssupplementen groeide in 2024 naar ongeveer 860 miljoen euro, terwijl het officiële vitamine D-advies bij een aanzienlijk deel van de doelgroepen niet wordt opgevolgd.

    Daaruit volgt niet automatisch dat mensen die geen supplement nodig hebben verantwoordelijk zijn voor de groei van de markt: de beschikbare onderzoeken gebruiken verschillende onderzoeksmethoden, populaties en meetjaren. Wel blijkt uit CBS-onderzoek dat veel supplementen op eigen initiatief en regelmatig ‘voor de zekerheid’ worden gebruikt.

    Voor wie niet tot een groep met een officieel suppletieadvies behoort, geldt dat gezonde en gevarieerde voeding doorgaans voldoende vitamines en mineralen levert. Wie vanwege ziekte, medicijngebruik, een afwijkend voedingspatroon of een mogelijk tekort twijfelt over het gebruik of de dosering van supplementen, kan dit het beste met een arts of diëtist bespreken.

  • Tirol investeert in nieuwe liften en winteractiviteiten

    Tirol investeert in nieuwe liften en winteractiviteiten

    In Tirol openen tijdens het winterseizoen 2026/27 verschillende nieuwe en vernieuwde skiliften. Skigebieden investeren daarnaast in sneeuwinstallaties, kindergebieden en activiteiten buiten de skipistes. Onder meer St. Johann in Tirol, Serfaus-Fiss-Ladis, Ischgl, Galtür en de Hintertuxer Gletscher voeren vernieuwingen door.

    Een van de grotere veranderingen vindt plaats in St. Johann in Tirol. Daar vervangt een nieuwe tienpersoonsgondel de tweepersoonsstoeltjeslift uit 1981 naar de Harschbichl. De Jodlalmlift krijgt een capaciteit van maximaal 2.400 personen per uur en brengt passagiers in ongeveer zeven minuten naar 1.603 meter hoogte.

    De exploitant verwacht de gondel in december 2026 in gebruik te nemen. De regionale toeristische organisatie bevestigt zowel de capaciteit als de geplande ingebruikname.

    Ook de Venetbahn bij Zams keert terug. De vernieuwde kabelbaan krijgt cabines voor 44 passagiers en moet maximaal 300 personen per uur vervoeren. De officiële opening staat gepland voor 19 december 2026; een dag later volgt een open dag. Ook het dalstation wordt vernieuwd.

    Nieuwe liften in verschillende skigebieden

    Sölden investeert voor het komende seizoen onder meer in een nieuwe zespersoons Gratl-stoeltjeslift. Volgens de aankondiging daalt de reistijd daar van ongeveer acht minuten naar 4,2 minuten. Daarnaast breidt het skigebied de kunstsneeuwinstallaties op onder andere de Gaislachkogl, Schwarzkogl en Wasserkar uit. Ook vinden werkzaamheden aan verschillende pistes en aan de Mutkogl-sleeplift op de Tiefenbachgletsjer plaats.

    In Ischgl komt de Höllkarbahn C2 in gebruik. Deze afkoppelbare achtpersoonsstoeltjeslift krijgt verwarmde stoelen en weerkappen. Galtür vervangt twee sleepliften door de nieuwe Kopsseebahn, een zespersoonsstoeltjeslift. Kappl voegt volgens Tirol Werbung twee skiroutes en een snowpark toe. Daarmee komt het gebied op 45,5 kilometer aan pistes.

    Ook Serfaus-Fiss-Ladis voert een omvangrijke vernieuwing door. De Planseggbahn uit 1997 maakt plaats voor een achtpersoonsstoeltjeslift van fabrikant Leitner. De capaciteit stijgt van 3.000 naar maximaal 4.000 personen per uur. De stoelen krijgen verwarming en weerkappen en de reistijd daalt tot minder dan vijf minuten.

    Met de vervanging is een investering van ongeveer 30 miljoen euro gemoeid. Volgens de exploitant liggen de werkzaamheden op schema om de nieuwe Planseggbahn op 4 december 2026 in gebruik te nemen.

    Het gebied breidt tegelijkertijd het Sun Park uit. Naast de bestaande beginner- en kickerlijnen komen een Rail Line en Funslope Line, waarmee het park vier verschillende lijnen krijgt.

    Hintertux vervangt ruim veertig jaar oude gondel

    Op de Hintertuxer Gletscher vervangt een nieuwe tienpersoonsgondel de meer dan veertig jaar oude vierpersoonsgondel tussen Sommerberg en het Tuxer Fernerhaus. De nieuwe installatie moet vanaf eind oktober 2026 beschikbaar zijn.

    Ook het Glungezer-skigebied bij Hall-Wattens vervangt een bestaande lift. Daar komt een verwarmde zespersoonsstoeltjeslift met weerkappen naar de Schartenkogel.

    Nauders richt zich ondertussen op freeriders. Het gebied voegt zes routes toe aan het bestaande aanbod en komt daarmee op tien geselecteerde freerideroutes. Het gaat daarbij om routes buiten de regulier geprepareerde pistes.

    Meer voorzieningen voor kinderen

    Naast de technische investeringen proberen verschillende gebieden hun aanbod voor gezinnen uit te breiden.

    In Serfaus verandert de bestaande Kinderschneealm in Murmli’s Kinderalm. Lopende banden krijgen een thematische aankleding en het gebied richt zich vooral op kinderen die hun eerste meters op ski’s maken. De regio bevestigt de verbouwing voor het winterseizoen 2026/27.

    SkiWelt Söll opent met het zogenoemde Kükennest een overdekte speelruimte voor jonge kinderen. Het belangrijkste speelelement is een houten eierbaan die al wordt gebruikt bij het zomerprogramma van Hexenwasser. In de winter gaat deze eveneens draaien. In het weekeinde is volgens de plannen begeleiding aanwezig.

    Schaatsen in het centrum van Innsbruck

    Ook buiten de skigebieden verschijnen nieuwe wintervoorzieningen. Innsbruck krijgt deze winter Ice Magic, waarbij Landhausplatz en Bozner Platz worden ingericht voor schaatsers.

    In plaats van één rechthoekige ijsbaan bestaat het concept uit grotere ijsvlakken die via gebogen ijsbanen met elkaar verbonden worden. Lichtinstallaties en projecties op gevels maken deel uit van de inrichting. Daarnaast zijn onder meer een evenemententerrein en voorzieningen voor curling gepland.

    Tirol Werbung noemt als openingsperiode 12 november 2026 tot en met 21 februari 2027. Austria Tourism noemt in een afzonderlijke publicatie echter 21 november als begindatum. Wie een bezoek plant, doet er daarom verstandig aan de definitieve openingsdatum bij de organisatie te controleren.

    Bij het bergstation Stiglreith op Rangger Köpfl komt eveneens een ijsbaan. Daar zijn ook schaatsverhuur en avondopenstellingen voorzien.

    Lichtpark en winterwandelen

    In Neustift im Stubaital opent rond de Kampler See een lichtpark. Zeven installaties met onder meer een vos, ree, hert, uil, haas, marmot en steenbok vormen een route rond het meer. Het park moet van eind november 2026 tot eind februari 2027 dagelijks vanaf het invallen van de duisternis tot 22.00 uur toegankelijk zijn. De toegang is volgens de aankondiging gratis.

    Alpbachtal zet ondertussen in op wandelen buiten het traditionele zomerseizoen. De ongeveer negen kilometer lange Mittlerer Höhenweg wordt gepresenteerd als een gecertificeerde wandelroute die het hele jaar kan worden gebruikt.

    In Hochfügen kunnen bezoekers ook ’s winters de Pfaffenbühel-klettersteig gebruiken. De route is 260 meter lang, overbrugt ongeveer 115 hoogtemeters en heeft maximaal moeilijkheidsgraad B. Daarmee richt de route zich op bezoekers die naast skiën andere bergactiviteiten zoeken.

    Vernieuwd zwembad in Ehrwald

    Ehrwald in de Tiroler Zugspitz Arena verwacht in november 2026 het ingrijpend vernieuwde overdekte zwembad te openen. Bij de renovatie ligt de nadruk volgens de exploitant op energiegebruik, toegankelijkheid en voorzieningen voor gezinnen. Het complex krijgt onder meer een vernieuwd kindergedeelte met glijbaan, een fitnessruimte en een bistro.

    De investeringen laten zien dat Tirol zijn winteraanbod niet uitsluitend rond alpineskiën ontwikkelt. Nieuwe liften moeten vooral capaciteit en comfort verbeteren, terwijl tegelijkertijd meer voorzieningen verschijnen voor kinderen, wandelaars, schaatsers en bezoekers die niet iedere vakantiedag op de skipiste willen doorbrengen.